We hadden ruzie. Ik wilde dat het stopte, kon niet de woorden vinden en besloot ‘ik ga het eruit knuffelen’. In de veronderstelling dat het gewerkt had viel me op dat hij tijdens het eten erg stil was en oogcontact ontweek. Toen ik ernaar vroeg zei hij ‘je viel me aan’.
Dit verschil in perceptie klinkt absurd, maar dit real life-voorbeeld illustreert wel hoe lijnrecht scheidende ouders soms tegenover elkaar staan.
Totaal andere beleving
Mensen blijken in staat te zijn feitelijk precies hetzelfde mee te maken en het totaal anders te beleven. De filosoof David Bohm betoogt dit heel mooi in zijn boek ‘over dialoog’ door uit te leggen hoe onze overtuigingen en (emotionele) blokkades onze belevingen vormgeven (het boek is wel een aanrader).
Dat die belevingen uit elkaar lopen valt mij vaak op als ik geconfronteerd word met de verhalen van ouders in een complexe scheiding (vechtscheiding). Het gaat schijnbaar over hetzelfde, maar het raakt elkaar nauwelijks. Alsof ik één verhaallijn aan het zoeken ben in twee totaal verschillende films.
Iedereen heeft recht op eigen beleving
Iedereen heeft recht op diens eigen beleving, dat is voor mij een heel belangrijke waarde. Hoe ouders erover communiceren met hun kinderen vind ik zelf iets anders. En daar zit iets waarin ik mij machteloos voel met betrekking tot complexe scheidingen: de wetenschap dat kinderen soms door hun ouders meegezogen worden in die twee conflicterende belevingen, waarbij de belevingen soms eenzijdig en verwijtend worden gedeeld.
Hierbij wordt volgens mij (meestal onbedoeld) uit het oog verloren dat kinderen niet zoveel met dit soort informatie kunnen, anders dan extra zorgen, verdriet en boosheid ontwikkelen, richting een ouder.
Dat iemand zijn grenzen niet aangeeft kun je bijvoorbeeld interpreteren als de ander een eerlijke kans ontnemen om daadwerkelijk rekening te kunnen houden met hem, maar het kan ook zo zijn dat hij zich onveilig voelde bij haar en door de jaren geleerd heeft dat ze niet naar zijn grenzen luistert. Het is beiden waar.
Oud zeer
Als ik geconfronteerd word met twee conflicterende belevingen van scheidende ouders triggert dat bij mij oud zeer. Nog steeds vind ik het lastig om die triggers niet te voelen. Of het nu gaat om conflicten in een scheiding dichtbij of veraf. Ik ervaar dan een soort regressie naar leven in limboland.
Een flashback naar dat gevoel van die chronische staat van overleven in emotionele instabiliteit, niet wetende hoe lang het nog duurt voordat het rustig is en waar je dan aan toe bent.
Dan voel ik me weer dat kindje, machteloos aan de zijlijn, met mijn handen op mijn rug gebonden toekijken wat papa en mama elkaar aandoen. Terwijl ik ondertussen mijn ogen probeer dicht te knijpen en mijn vingers in mijn oren probeer te stoppen, om alle details over wie wat precies wie heeft aangedaan te ontwijken en tegelijkertijd allemaal oplossingen probeer te bedenken voor problemen die me boven het hoofd groeien.
Als het strijden maar stopte
Want je kunt niks als kind. Dat kunnen uiteindelijk alleen papa en mama. Of ze weer bij elkaar kwamen maakte me allang niet meer uit, of ze elkaar ècht nog aardig zouden vinden evenmin. Als het strijden maar stopte.
Iris (31) heeft als kind drie scheidingen meegemaakt en is nu de ‘vriendin van papa’. Zij heeft de opvatting dat een scheiding – waarbij het contact met beide ouders blijft bestaan – op de lange termijn niet automatisch leidt tot schade voor kinderen. De hardnekkige problemen zitten in hoe de betrokkenen omgaan met de scheiding. En dat is best wel ingewikkeld.
Belangrijk: haar blogs zijn een mengeling van eigen ervaringen en ervaringen met haar gedeeld door anderen en verwijzen niet één-op-één naar mensen uit haar eigen omgeving.
Lees ook de andere blogs van Iris.
REAGEER OP DEZE BLOG